{{ message.message }}
{{ button.text }}

Wanneer pijn woorden voorbij gaat.

Ze heeft me de afgelopen uren bewezen dat ze zo sterk is, dat ze zo moedig is en dat ze extreem stoer is.

Afbeelding blog 'Wanneer pijn woorden voorbij gaat.'

Het is vroeg in de ochtend, maar mijn ouders staan bijna gelijk voor de deur. Na wat rondbellen komen mijn schoonouders om mij naar het ziekenhuis te rijden. Mijn schoonouders kletsen er lekker op los, daar zijn ze goed in wanneer er spanning hangt. Ik daarin tegen verdwijn in mijn eigen wereld en ik dwaal af naar de decembermaanden, toen Linda keelontsteking had. Kennissen van ons hebben een dochter, ouder dan Linda, ze is geboren met 24 weken. Zij kreeg toen ook een keelontsteking en werd toen direct opgenomen in het ziekenhuis. Ik weet nog zo goed dat ik haar bericht las en dat ik mezelf zo gezegend voelde dat ik een gezonde dochter had, met een lichaam die zichzelf kon genezen. Nu ben ik zelf onderweg naar het ziekenhuis, naar mijn ziek kindje die blijkbaar veel zieker was dan ik ooit had gedacht.

Tegen de tijd dat ik daar aan kom is het al 11 uur en zit Mark al 5 uur met Linda bij de spoedeisende hulp. Ze moeten wachten op een radioloog die weet waar hij of zij naar moet zoeken. Deze hebben ze al opgeroepen en telkens wanneer Mark ernaar vraagt zeggen ze nog een uur en na 5 keer vragen zijn we al 5 uur verder en nog steeds geen onderzoek. Het is dan ook wel zondag en dat er iemand bereid was om te komen zie ik maar als geluk.

Ik kom binnen en Linda ligt in een groot ziekenhuis bed, ze ziet er eenzaam uit. Mark is blij, maar fluistert terwijl hij iedereen begroet. “Linda slaapt voor het eerst net een half uur, ik hoop dat ze nog zo’n 15 minuten kan slapen voordat de pijn weer te hevig is.” Ik kijk naar mijn kleine meid, ze ziet er zo bleek uit en haar haren zijn doorweekt van al het zweet. De afgelopen tijd kon ik niet bij haar komen, ze leek zo groot en zo zelfstandig, zo afstandig. Nu ligt ze daar en zie ik hoe klein ze nog is, het liefst ga ik naast haar liggen en houd ik haar stijf tegen me aan. Ik ben alleen veel te bang dat ze daardoor wakker wordt. “Heeft ze al wel wat gegeten of gedronken?” “Nee, mag ze ook niet. Ze denken dat het een darminvaginatie is en dan is het van belang dat haar darmen leeg en vrij blijven.” Ik kijk Mark niet begrijpend aan en hij geeft mij zijn telefoon aan. “Een darmwattes?” “Invaginatie, kort gezegd, haar darmen zijn in de knoop. De ene darm zit in de andere darm, hadden ze uitgelegd. Lees de informatie op mijn telefoon.” Ik kijk snel, maar kan mijn hoofd er echt niet bijhouden en dan begint het kermen weer vanaf het grote ziekenhuis bed.

De tijd kruipt voorbij en elk uur vragen we weer wanneer we meer zekerheid kunnen krijgen. Linda hangt aan mij of aan Mark als een lappenpop en elke keer wanneer ze weer zo begint te schreeuwen komt de verpleegkundige weer kijken of ze iets voor ons kan doen. Het is bijna 2 uur en net wanneer ik haar kamertje uit wil lopen om maar een keer boos te worden loop ik tegen de verpleegkundige aan: “Ze is er, lopen jullie mee?” Mark pakt Linda op en we moeten ons inhouden om niet door de gangen te rennen, het is stil in de gangen, er is helemaal niemand. Het voelt ineens alsof we in een slechte film beland zijn en dat er iets engs kan gebeuren wanneer we een bocht omgaan. De waarheid vind ik nog enger, want het enge hangt op Mark zijn schouder, het enge is mijn dochter die zonder hulp binnenkort er gewoon niet meer zal zijn. We worden een donkere kamer in gewezen: “Ze belde net, ze zal er zo wel zijn. Willen jullie dat ik bij jullie blijf wachten?” We kijken elkaar aan en Linda voelt het al aankomen dat er weer een vreemde aan haar gaat zitten en ze klaagt er lekker op los. “Ga maar, je hebt vast wat beters te doen dan om samen met ons hier te wachten.” Ze knikt, draait zich om en stopt even in de deuropening. “Wanneer het onderzoek klaar is, dit hoort niet langer dan 5 minuten te duren, laat haar even naar de spoed bellen, dan haal ik jullie gelijk weer op.” We knikken. De deur laat ze open en ze verdwijnt in de lege ziekenhuishal. Ik staar de hal in, boven de deur hangt een klok en elke seconde voelt alsof het voorbij kuipt.
Na 10 minuten zie ik uiteindelijk een schim verschijnen in de hal en langzaam komt het dichterbij. Het is een vrouw met een lange bruine jas aan, ze gooit haar tas op de grond en begin heftig erin te graaien. Ze haalt er haar witte doktersjas uit en doet deze snel aan terwijl ze haar jas op haar tas laat vallen. Met grote stappen vol haast stapt ze de kamer binnen en doet gelijk de deur achter zich dicht. “Goedemiddag, jammer dat ik jullie zo moet ontmoeten. Als het vermoeden klopt is jullie dochter ernstig ziek, persoonlijk vind ik dat ze haar gelijk door hadden moeten sturen. Bij Sophia hebben ze wel altijd mensen paraat staan, daarnaast zouden we haar hier onder geen omstandigheid kunnen helpen. Leg haar maar even neer, ga ik gelijk kijken.” Mark legt Linda op het grote bed neer en weer zie ik hoe klein en fragiel ze daadwerkelijk is. Ze is zo bang en klaagt en huilt de hele onderzoek, maar tegelijkertijd laat ze alles over zich heen komen. Ze doet niet moeilijk en werkt de onderzoek niet tegen, maar ze knijpt mijn hand fijn terwijl ik haar haren aai en lieve woordjes in haar oor fluister. Binnen een minuut heeft ze het probleem gevonden. “Kijk hier.” Zegt ze terwijl ze naar het scherm wijst. “Dit zijn haar darmen en hier zie je overgang van de dikke naar de dunne darm. Het is overduidelijk dat de dunne darm met een flinke lengte in de dikkerdarm zit.” Ze kijkt er nog een keer goed na. “Als zoiets gebeurd, dan is het lichaam meestal in staat zichzelf te herstellen, maar dit gaat zichzelf echt niet herstellen. Het is van groot belang dat ze gelijk naar Sophia gaat, zodat ze dit vandaag nog kunnen oplossen.” Ze pakt haar telefoon en belt gelijk naar de spoedeisende hulp, terwijl ze naar ons gebaart onze spullen bij elkaar te pakken. “Ik breng jullie er zelf even heen, kan de verpleegkundige daar alles voor jullie regelen.” We worden weer terug gebracht naar het kamertje waar Linda al de hele dag ligt en mijn schoonouders nog zitten te wachten op ons. Mark gaat met Linda op een stoel zitten en zo snel als ik kan pak ik al ons spullen in, het enige wat door mijn hoofd raast is dat we zo snel mogelijk in de auto moeten stappen, het is nog makkelijk een halfuur rijden voordat we in Rotterdam zijn. “Wat ben je aan het doen?” Ik kijk op en zie de verpleegkundige staan. “Ik pak onze spullen in, we moeten naar Rotterdam.” Ze kijkt me vol medeleven aan. “Mevrouw, gaat u maar even zitten. We kunnen onmogelijk jullie Linda zelf naar Sophia laten rijden, ze is daar echt te ziek voor. We hebben de ambulance al opgeroepen, binnen een halfuur zijn jullie onderweg. Jij of je man mag met haar mee rijden in de ambulance, de andere kan maar beter alvast met de auto daarheen gaan.”

Ik kijk naar Linda, ze ziet er verloren uit en haar haar plakt aan haar gezicht. Ik zou zo graag iets van haar willen horen, maar sinds ze naar bed was gegaan gisteravond heeft ze geen woord gezegd. Al wat ze doet is kreunen en steunen en ik voel me hulpeloos. Er is niks wat wij voor haar kunnen doen. Ze heeft me de afgelopen uren bewezen dat ze zo sterk is, dat ze zo moedig is en dat ze extreem stoer is. Daar had ze ook helemaal geen woorden voor nodig.

Lees hier mijn vorige blogs.

*Mamaplaats faciliteert een open en voor iedereen toegankelijk social platform. Zij is niet verantwoordelijk voor inhoud en authenticiteit van posts. Algemene voorwaarden.

Tags:

Login bij Mamaplaats
Login

Nog geen account bij Mamaplaats?
Registreren
profiel aanmaken

Ik heb al een account.
Ja, dat wil ik

Nee, dank je