{{ message.message }}
{{ button.text }}

Speed bevalling

Je wil dat hij komt als hij er zelf klaar voor is. Immers het kind bepaalt wanneer de bevalling begint en dat is maar goed ook.

Afbeelding blog 'Speed bevalling'

Ik was het zat! Ik was het zwanger zijn al zat vanaf week 29, maar je wil natuurlijk dat je kind alle ruimte krijgt om volledig te ontwikkelen en je wil dat hij komt als hij er zelf klaar voor is. Immers het kind bepaalt wanneer de bevalling begint en dat is maar goed ook. Het wachten werd helemaal moeilijk nadat ik met 36 weken begon aan mijn zwangerschapsverlof. Werk was een perfecte afleiding geweest en bij het wegvallen van een vaste dag indeling werden de dagen wel erg lang.

Ik was daarom blij toen langzaam de uitgerekende datum dichterbij kwam. 7 september ’12, was toevallig ook de dag dat een hele goede vriendin ging trouwen. Ik had afgezegd omdat ik niet haar dag wilde vergallen door het risico te lopen dat zij zou uitglijden in haar prachtige jurk over mijn net gebroken vruchtwater. Dus ik bleef thuis.

Ik had die dag last van menstruatieachtige krampjes en was helemaal hyper van verwachting. Zou het? Helaas bleef het bij gezeur in mijn onderbuik en begon ik gedurende de dag steeds meer te balen. Was ik voor niets een mooie gebeurtenis mis gelopen? Natuurlijk was het rationeel gezien geen slecht plan om thuis te blijven met mijn vermoeide benen, bekkeninstabiliteit en het ritje van 2,5 uur heen en terug, maar mijn overheersende gevoeligheid van toen was daar niet zo makkelijk van te overtuigen.

Gedurende de week die er op volgende werd mijn humeur er niet beter op. Ik communiceerde alleen nog in korte snauwen en mijn geliefden moesten extra voorzichtig met me omgaan. Blijkbaar is het krijgen van lange tenen een minder bekende zwangerschapskwaal waar ik veel en vooral erg onvoorspelbaar last van had. Ik sliep niet meer, eten ging me slecht af, behalve dat wat in de categorie snoepgoed viel, en ik was daarbij ook nog eens geveild door een drie weken durende hevige griep. Elk geboortekaartje wat ik van één van de dames van de zwangerschapsgym kreeg vervulde mij met jaloezie en dat was heel nieuw voor me. Natuurlijk was ik super blij voor ze, maar ik vond, heel oneerlijk, dat ze wel even op hun beurt hadden mogen wachten. Het slaat nergens op, dat weet ik, maar dat vonden mijn hormonen niet. Ook mijn man was het wachten beu. Bij elke kreun of zucht sprong hij op om te checken of het niet begonnen was.

Toen ik op mijn laatste controle dan ook het aanplakbiljet voor het INDEX onderzoek zag, wist ik niet hoe snel ik me moest aanmelden. Het INDEX onderzoek was net die week begonnen en onderzocht wat nou precies de voordelen en nadelen zijn van het inleiden bij 41 weken en bij 42 weken (voor meer informatie check: http://www.watverwachtu.nl/page.asp?page_id=108 ). Ik zag het wel zitten om de volgende dag te worden ingeleid want dan zou ik precies 41 weken zwanger zijn. Alles om het wachten te beëindigen. Helaas vertelde de verloskundige dat ik niet mee kon doen, omdat ik niet tijdig van te voren was ingelicht en dergelijke, maar ze kon wel proberen het proces een handje te helpen door te strippen. Dat was in ieder geval iets.

De volgende dag was de verloskundige al vroeg bij me met goed nieuws. Ik kon toch mee doen aan het onderzoek. Ze zou me alles heel duidelijk en goed uitleggen en dan konden we gelijk beginnen. We hebben samen de lange vragenlijst ingevuld en ik werd gestript. Vol verwachting heb ik de verloskundige haar gang laten gaan. Strippen is alles behalve prettig, maar ik onderging het gedegen en hoopvol. Helaas, ik had nog net geen centimeter ontsluiting en dan kon ze weinig beginnen, dus meer dan een beetje masseren had ze niet kunnen doen. Als het al effect zou hebben zou ik dat binnen 6 uur merken. Gelukkig had ik nog een kans om voor het onderzoek uitgeloot te worden om eerder ingeleid te worden. Nog meer vragen die ingevuld moesten worden, een telefoontje en wachten…

“Bedankt dat u mee wilt doen met het onderzoek, we hebben u ingedeeld in de afwachtende groep”

Vette pech dus! Ik zat in de groep die fijn tot 42 weken kon wachten. De verloskundige was heel lief en geruststellend, maar wat ze ook zei, de teleurstelling was enorm. Ik nam het mijzelf kwalijk. Wat had ik me allemaal wel niet verbeeld. Al dat gerommel in mijn buik de afgelopen dagen was dus goed voor niets geweest en ik had van een mug een olifant gemaakt. Boos en geïrriteerd ben ik onder een dekentje op de bank gaan liggen. Ik had besloten er niet van af te komen totdat mijn baby eindelijk zou verschijnen. Daar ben ik uiteindelijk in slaap gevallen met in gedachten dat ik toch echt de maximale draagtijd zou moeten uitzitten voordat ik eindelijk mijn kindje in mijn armen kon sluiten.

De volgende dag was compleet anders

Ik werd vroeg in de ochtend wakker met een natte broek. Op het toilet bleek dat ik veel slijm, vocht en bruin bloed had verloren. De slijmprop dacht ik en ik zocht er verder niets achter. Ik had ondertussen het informatie blaadje van de verloskundige, waarop stond omschreven wanneer je wel en vooral niet mocht bellen, zo vaak gelezen dat ik het woordelijk kon citeren. Verlies van de slijmprop betekende niet dat de bevalling die dag zou beginnen. Ook is het normaal aan het einde van je zwangerschap meer afscheiding te produceren.

Ik ging mijzelf niet weer helemaal gek maken. Dus ik kroop weer onder het veilige dekentje om lekker verder te mokken. Mijn buik deed wel zeer. Af en toe kreeg ik een krampachtige steek in mijn schaamstreek. Vroeger heb ik heel erg last gehad van de menstruatie en herkende de kramp als geen ander. Ook had het een beetje weg van zware constipatiepijn. Onder het dekentje, verstopt voor mijn omgeving, kon ik het toch niet laten elke kriebel, pijntje, krampje, borrel of beweging te analyseren. De kleine bewoog nog flink en fel zoals hij al weken deed. Dat zou hij toch niet doen als hij er klaar voor is om er uit te komen, bedacht ik me. De baby heeft de voorkennis wanneer het grote moment zal zijn en ik had gelezen dat de baby vlak voor de bevalling zich rustig zou houden om energie te sparen voor de bevalling.

Toch kon ik het niet laten even achter mijn computer te kruipen en een beschrijving van weeën te Googlen. “Weeën beginnen bovenin de baarmoeder en nemen toe in intensiteit…” las ik en “Als je twijfelt dan is het waarschijnlijk geen wee” Er is veel informatie te vinden over de bevalling en alles wat daar bij komt kijken. Ik kon mijzelf niet herkennen in de omschrijvingen, dus sloot ik internet weer af en kroop terug in mijn nestje op de bank. Na verloop van tijd begon ik steeds meer te lekken. Eerst snotterig slijm, maar al snel plakkerig transparant water met vlokjes. Natuurlijk had ik ook al alles gelezen over vruchtwater. Ik wist dat alleen 10% van alle bevallingen met het breken van de vliezen begint en dat het erg zoet ruikt. Na een heel pak inlegkruisjes vol gelekt te hebben waar ik aan elk verbandje uitgebreid gesnift had, kon ik geen enkel vleugje zoetigheid herkennen. Bovendien was het te dik om alleen water te zijn. Ik brak een nieuw pak maandverband wat meer kon hebben aan en kroop weer op de bank.

Het boek waar ik die ochtend ter afleiding aan begonnen was, had ik bijna uit. Ik had met mijzelf elke keer afgesproken dat ik 10 pagina’s zou lezen voordat ik weer aandacht mocht besteden aan het gerommel in mijn buik. Als ik 20 pagina’s onafgebroken las mocht ik van mijzelf nog een keer in mijn 9 maanden dagboek kijken (Van Pauline Oud, schitterend boek om tijdens je zwangerschap bij te houden). Tegen etenstijd had ik het boek uit en moest ik toch echt om de 10 minuten mijn verband verschonen. Het leek wel of ik met elke beweging weer vocht verloor. Dat was niet normaal. Op aandringen van Bas heb ik rond half acht de verloskundige gebeld en zij was er om acht uur. Ze vroeg me een maandverbandje te bewaren en ik overhandigde haar de tot de rand gevulde pedaalemmer. Ze kon het ook niet goed ruiken, dus moest ik kijken wat ik kon opvangen in een steek. Het bleek vruchtwater te zijn wat ik dus al waarschijnlijk sinds acht uur die ochtend aan het verliezen was. Ze vond de hoeveelheid wat ik verloor nog niet alarmerend, ook had ik nog geen echte weeën. Ze raadde me aan te gaan slapen, want het zou hoogst waarschijnlijk nog een hele nacht duren voordat de weeën op gang zouden komen. De volgende dag zouden we naar het ziekenhuis gaan.

Het was begonnen! Het wachten was terug gebracht naar nog maar één dag. YES! Opgewonden heb ik mijn ouders gebeld dat ze in ieder geval binnen een dag opa en oma zouden worden. Bas belde zijn zus, die al weken op het puntje van de stoel zat en ik lichte mijn zus in die bij de bevalling aanwezig zou zijn. “Ga maar slapen zus, want morgen wordt vast een lange dag. Dat ga ik nu ook doen” vertelde ik haar rustig. Maar ik kon niet slapen van opwinding. Het lange wachten was bijna over. Mijn man en ik probeerde samen een filmpje te kijken om een beetje tot rust te komen. Ik voelde me echter niet lekker worden en besloot toch maar te gaan slapen. We hebben samen het bed opgemaakt met extra zeiltjes, want het lekken werd steeds erger. Ik werd liefdesvol ingestopt en kreeg een knuffel van mijn trotse man. Het was toen kwart voor tien ’s avonds.

Hij was nog niet beneden of mijn buik werd gevuld met een enorme pijnsteek. Het leek alsof mijn kruis langzaam versteende en van binnenuit iemand met grof geweld mijn stuitje uit mijn lijf probeerde te drukken. De pijnscheut werd heel heftig. Kronkelend probeerde ik een houding te vinden die de pijn verminderde. Half op mijn zij, half steunend op mijn armen en met één been uit bed heb ik de pijnscheut weg gepuft. Wat was ik blij dat ik geleerd had hoe ik puffen moest. Het gaf me de houvast die ik nodig had. Als dit geen wee was dan wilde ik niet eens meer weten wat dan wel weeën waren. Dit hoefde ik niet te googlen, dit wist ik zeker.

Nu was het echt helemaal begonnen. YES!

Voorzichtig kroop ik uit bed. Mijn maandverband was niet op gewassen tegen de stortvloed aan water wat ik tijdens de wee had verloren en het water droop langs mijn benen. Opgewonden rende ik wijdbeens naar de badkamer en rukte alle kleren van mijn lijf. Vrolijk, sprong ik onder de douche. Het was tijd om afscheid te nemen van de buik. Ik had van te voren al helemaal bedacht hoe ik tegen mijn buik zou praten en hoe ik al strelend mijn baby zou vertellen hoe trots ik was hem te mogen dragen. Ik zou nog even alle mooie momenten van de zwangerschap herbeleven, maar zodra de eerste straal water op mijn huid spatte was het enige wat ik er uit kreeg een gemoffelde kreun. De volgende wee melde zich al. Snel rekende ik mijn hoofd hoeveel tijd er tussen had kunnen zitten. Tien, misschien twaalf minuten maximaal.

Met mijn hoofd leunde ik tegen het glas van de douchecabine en liet de warme straal de pijn in mijn onderrug een beetje wegspoelen. Mijn buik bewoog golvend onder mijn handen. Blijkbaar had mijn baby ook door dat er iets gaande was. Mooi niet dat hij stil lag. Ik wilde de shampoo oppakken om nog even vlug mijn haren te wassen toen mijn stuitje wel leek te breken. Nog een wee! En deze was nog erger dan de voorgaande. Heftig puffend drukte ik mijzelf met de rug tegen de muur in de hoop de pijn terug te kunnen drukken. Toen zag ik het, bloed! Ik verloor niet alleen bij elke wee veel water maar nu ook bloed. Ik schrok me rot, toen de douche bak half rood kleurde. Op het “wanneer bellen instructie formulier” stond duidelijk uitgelegd dat het kan gebeuren dat je bloed verliest bij ontsluitingsweeën. Dat is heel normaal en onder de douche lijkt het natuurlijk ook heftiger dan het is. Ik dwong mijzelf tot kalmte en nadenken.

Het was begonnen en het zou zeker niet meer tot morgen ochtend duren. YES!

Mijn afscheidsritueel van mijn dikke buik heb ik maar laten schieten. Snel droogde ik me zo goed als het ging af en propte snel een inlegluier uit het kraampakket in een grote boxershort van mijn man. Weer een wee! Wat een pijn. Ik trok krom en zakte op handen en knieën op de overloop. De snerende pijn die begon als kramp in mijn schaamstreek trok vastberaden en genadeloos door mijn stuitje omhoog om vervolgens volledig grip te nemen van mijn buik. Het leek wel als of er een loodsteen in mijn buik zat. Mijn benen hadden moeite mij nog te dragen en zaten vast in de laagste versnelling. In de slaapkamer griste ik het eerste wat ik kon vinden uit de wasmand met gevouwen was. Wat kon het mij nou nog schelen waar ik in ging bevallen. Het werd een te klein nachthemd met Snoopie erop die al strak zat voordat ik zwanger was, een grijze super grote legging en warme paarse glitter sokken. Onder de trap weer een wee, dat ging wel heel snel.

Vlug strompelde ik naar mijn man om hem in te lichten maar die zag het meteen aan me. Hij sommeerde mij op de bank te gaan zitten, zodat hij de tijd kon opnemen. Weeën van 1 minuten en om de 4 minuten. “Dat mag nog niet” wierp ik hem procedure getrouw toe toen hij de verloskundige wilde bellen, “Eerst moeten de weeën een uur lang blijven komen”. Geïrriteerd deed hij wat ik zei. Het water sijpelde van de bank. Nu ook zonder weeën bleef het flink stromen. De boxershort die ik aan had was al doorweekt en de inlegluier dreef vrij rond. Uit frustratie ben ik op het toilet gaan zitten, daar maakte ik tenminste geen enorme puinzooi met mijn gelek. Al weer een wee diende zich aan en ook deze was weer heftiger dan de vorige. Het drie stappen puf plan sloeg ik totaal over en ging gelijk voor de 7 pufjes methode die bedoeld was om de laatste heftige persweeën op te vangen. Hoewel ik meer binnensmonds zat te grommen. Ik wist niet waar ik het moest zoeken. Onder tussen had mijn man de verloskundige gebeld, want de weeën kwamen nu al met tussenposes van minder dan 2 minuten. Het was net iets voor elven toen Bas de verloskundige aan de lijn kreeg. Ze hadden een overdracht vanwege de wisseling van de dienst en haar collega zou ons zo snel mogelijk terug bellen. Mijn man probeerde mij gerust te stellen door tegen me te praten en met me mee te puffen. Het toilet was een slachtveld geworden. Overal lag WC-papier, bloed en nattigheid. Ik zat mijn hoofd zover mogelijk tussen mijn benen te wachten op de volgende wee en luisterde hoe mijn water in het toilet kletterde.

Toen de volgende wee kwam was deze anders. Als of ik al uren mijn ontlasting had opgehouden wat verschrikkelijk zeer doet. “Nee!”Schreeuwde ik terwijl ik mijzelf bruut omhoog trok aan de verwarmingsbuizen, “Ik moet poepen!” mijn man wist gelijk wat dat betekende: persweeën. Hij greep mijn handen en kneep hard. “Niet aan toegeven hoor je me!” schreeuwde hij terug, “Je mag niet persen!” Dat wist ik, maar wat is dat verdomd moeilijk. Elk vezeltje in je lichaam roept “Doe maar, het is echt nodig” en je wil alleen nog maar persen. Natuurlijk had ik geleerd op zwangerschapsgym dat je er absoluut niet aan toe mag geven voordat de verloskundige het zegt, maar niemand heeft uitgelegd hoe je dat dan tegen gaat. Puffen werkte nauwelijks. Het enige wat voor mij hielp was opspringen en weer gaan zitten en weer opspringen. Zo kon ik al mijn energie kwijt in iets anders dan persen. Ik hield mij krampachtig vast aan de wasbak en de verwarming en zat te trillen van inspanning. Ondertussen belde de verloskundige. Ze was onderweg.

Verschillende persweeën heb ik op het toilet opgevangen en bij elke wee werd het steeds moeilijker om niet toe te geven aan de persdrang. De verloskundige was er om kwart over elf en heeft mij samen met Bas van het toilet gehesen en naar de bank gesleurd. Daar keek ze hoeveel ontsluiting in had. Meer dan 9 centimeter ontsluiting. Ik kon het zelf niet geloven. “Waar wil je bevallen” vroeg ze. In het ziekenhuis vertelde ik haar. “Dan moeten we NU gaan” zei ze, want we konden dan absoluut niet langer wachten en ze belde gelijk het ziekenhuis. Zij zou haar auto voor de deur parkeren en dan kon mijn man mij helpen mijn broek aan te doen en het ziekenhuiskoffertje te pakken. Hij stond stijf van de spanning en probeerde mij in mijn legging te hijsen. “Werk nou mee” riep hij me toe, maar ik was al weer een perswee aan het weg puffen.

In mijn afgetrapte wandelschoenen stond ik buiten bij het tuinhekje een wee weg te puffen toen de enorme auto van de verloskundige voor me stopte. Ze had inderdaad geen tijd gehad om eerst langs het praktijk te rijden wat ze normaal deed bij het beginnen van een dienst. De achterbank stond vol kratten met dossiers. Ik heb nog heel kalm tegen haar gezegd: “Leg maar iets van plastik op je achterbank anders gaat je bekleding er aan.” Ze keek me even aan, rende naar de achterbak en gooide een tas leeg zonder te kijken wat er inzat. Deze zette ze open voor me neer waar ik dan in kon gaan zitten. Met mijn knieën opgetrokken zat ik in de grote shopper weer een perswee weg te kreunen, terwijl ik probeerde de tas aan de hengsels hoog te houden. Zonder verder naar het huis om te kijken sprong mijn man in de auto. Zijn negentien jarige dochter, die bij ons woont, had hij in de gauwigheid gebeld en naar huis geboden. Die zou voor de rest zorgen.

In de auto belde mijn man mijn zuster, die wilde ik bij de bevalling hebben. “Naar het ziekenhuis komen! Nu!” dat was alles wat hij zei. Samen met de verloskundige heb ik het ritje naar het ziekenhuis weg gepuft. Ik was heel blij dat ze met me mee pufte, of liever gezegd ik met haar. Door haar kalmte en ritme kon ik inhaken en zelf goed puffen.

Ze parkeerde de auto onder het ziekenhuis en drukte mijn man een 2 euro muntje in zijn hand voor een Rolstoel. Hij rende weg voordat hij wist waar hij die moest halen en kwam al vloekend terug. Ik moest er wel om lachen. Ze hielpen mij in de rolstoel en ik zat wijdbeens onderuit gezakt heftig te hijgen. Het was heel stil op de parkeerplaats. Er was verder niemand. De kalmte vond ik heerlijk. Het maakte mij weer een beetje rustig want de heftige weeën storm van een uur geleden had mij totaal overrompeld. Ik voelde me een beetje stoned worden.

In de lift omhoog kon ik goed mijn bevallingstenue bekijken in de spiegelwand. Het kruis van de grijze legging hing als een puberale gansterbroek tussen mijn knieën en was volledig doorweekt. Snoopie zag er op de enorme borsten die vrijelijk hingen ongelukkig uitgerekt uit. De paarse sokken glitterde vrolijk in de TL-buis verlichting van de lift en mijn schoenen waren duidelijk op. Het kon me niet meer schenen, ik was heerlijk rustig.

We waren al snel op de verloskundige afdeling van het ziekenhuis. Verloskamer 6, daar mocht ik heen. 23:35 uur werd mijn binnenkomst geklokt. Een klein, tengere verpleegkundige hielp me snel uit mijn schoenen en broek en hees me op het bevallingsbed. De verloskamer was een grote kamer met een tafeltje, twee ruime stoelen, een slaapbank en verschillende elektronica als een TV en een koffiezetapparaat. Ze hebben er in het Deventer Ziekenhuis erg hun best op gedaan een prettige bevalkamer te maken waar je de tijd goed kunt doorkomen. De verlichting was gedimd zodat de baby niet gelijk verblind wordt bij zijn eerste contact met de buitenwereld. Het voelde een beetje als een darkroom waar iets heel spannends zou gaan gebeuren. De verloskundige maakte zich klaar om te kijken hoe ver ik nu was. Van achter het gordijn van de deur kwam een verpleegkundige. Er was een meisje en een jongen hier. Ik dacht gelijk aan mijn zus en riep dat ze mocht komen. Het was mijn stiefdochter. Zij en haar vriend waren nadat ze thuis alles hadden afgesloten direct naar het ziekenhuis geracet om mij geluk te wensen. Er ontstond verwarring. Er mogen maar twee mensen bij een ziekenhuis bevalling aanwezig zijn en ik had mijn zus en man aangewezen. Mijn zus was er nog niet. Hoe moest dat dan geregeld worden?

“Je moet gaan persen, het hoofdje staat al en je hebt tien centimeter ontsluiting” zei de verloskundige. Ik had de persweeën al een tijdje niet meer zo heftig gevoeld en was helemaal bezig met het dilemma wie er bij de bevalling mocht zijn. Ik heb de verloskundige een beetje wazig aangestaard. Mijn dochter schoof snel naar binnen en met haar en mijn man aan mijn zijde begon ik met persen. Het was toen 23:45 uur.

De persweeën waren veel dragelijker geworden tijdens het ritje in de rolstoel, maar hier op het bevallingsbed leken ze wel half afwezig. Op dat moment had ik niet in de gaten wat er aan de hand was, maar ik verloor de persdrang die ik zo sterk had gehad op het toilet. Ik voelde wel de pijn van de wee en ik pakte braaf mijn benen vast om mee te persen, maar mijn kracht ebde weg met de kracht van de wee. Toen raakte ik in paniek. Dit klopt niet, dacht ik. Er is iets mis. Ik voelde te weinig. Ook had ik het idee dat ik totaal niets deed ook al deed ik zo mijn best. Had ik maar beter geoefend op het persen zoals ze op de cursus hadden gezegd! Perste ik wel de goede kant op? En waarom kreeg ik niet de steun van mijn oerkracht die mij door alle tijdschriften beloofd was. Na twee keer persen tijdens een wee was de wee helemaal weg en kreeg ik een derde keer niet meer voor elkaar.

Mijn zus was ondertussen gearriveerd en dat zorgde voor wat roemoer op de gang. Ik was totaal van slag en riep om hulp en probeerde met de verloskundige te onderhandelen “Als je mij nu even een paar minuutjes geeft dan ga ik straks twee keer zo hard persen, goed?”. Ook heb ik haar om de perswee gevraagd hoelang het nog ging duren. Een uur was normaal zei ze en ik raakte nog meer in paniek. Ik wist nu al niet meer waar ik het vandaan moest halen, laat staan dan ik een uur lang zou moeten volhouden. Mijn man, mijn dochter en alle anderen probeerde me te kalmeren en me aan te moedigen, maar het was als of ik ze door een gesloten deur hoorde. Ik voelde me diep onder water en dreef weg van de kamer waar ik me bevond.

Totdat ik een keiharde klap in mijn gezicht kreeg. En nog één. “Doorzetten! Doorzetten!”schreeuwde de verpleegkundige. Ze had me twee keer hard in het gezicht geslagen. Zo’n typische bitch-slap die je in Holywood films ziet. Opeens waren alle angstgedachten weg, opeens zag ik weer helder en opeens was ik laaiend! “Je kan nu niet stoppen, want het hoofdje zit in het geboortekanaal”

Dan maar zonder weeën dacht! Ik doe het zelf wel! Ik heb mijn benen gegrepen en ben keihard gaan persen op dat beetje wee wat ik dan wel voelde. En ik stopte niet toen ik de wee niet mee voelde. In mij knapte er iets, letterlijk. Op dat moment gaf me dat hoop want dat betekende dat er beweging in zat. Zoals geleerd hield ik mijn ogen open en drukte vurig mijn tong tegen de binnenkant van mijn voortanden om mijn kaakspieren tijdens het persen te ontspannen.

Ik zag een bult tussen mijn benen verschijnen met bloederig haar. “Dat is niet mijn haar” dacht ik. “Oh! Dat is niet mijn haar” schreeuwde ik in gedachten toen ik realiseerde dat het het hoofdje was. Ik sprong haast van bed van verrassing. Nu had ik alle kracht, wil en doorzettingsvermogen gevonden om alles op alles te zetten. Dit kindje zou NU geboren worden.

Vast beraden en vol overtuiging greep ik nog één keer mijn benen om alles te geven. Ik heb geperst als of ik al mijn ingewanden er uit wilde hebben. Ik voelde hoe er beweging in kwam en liet niet los voordat ik zeker wist dat hij vrij was. Mijn zoon glibberde, nadat zijn hoofde vrij was, in één keer er uit en viel als een hoopje in de handen van de verloskundige. Gelijk maakte hij zijn eerste geluidjes. Op 15 september 2012 om 23:57 uur was mijn zoon geboren.

“Wat is hij groot!” dacht ik, “dat klopt niet.” Daar lag niet de kleine baby die me beloofd was. Met grote ogen heb ik hem aangestaard en zag hoe de verloskundige hem bij mij op mijn borst legde. Ik wist niet hoe snel ik mijn nachthemd moest optrekken om hem bloot op me te kunnen voelen. Dat eerste moment dat ik zijn warme huidje op de mijne voelde en ik mijn hand op hem kon leggen, maakte alle ellende, pijn en angst van de avond onbelangrijk. Ik was kapot. Mijn handen trilde en voelde verdoofd. Ik had het koud en mijn lippen waren gescheurd van het vele hijgen en puffen. Mijn onderkant voelde verscheurd en was overgevoelig, maar het maakte niet uit. Op dat moment was ik alleen maar blij. Blij dat het voorbij was, blij dat ik mijn zoon vast had en blij dat het mij toch gelukt was. Iedereen stond me toe te juichen en complimenten te geven voor de fantastische prestatie maar ik hoorde ze niet. Ik zat te snoozen met mijn baby.

Het is waar wat ze zeggen. Je vergeet de pijn van de bevalling zodra je je kind vast hebt. Nou ja, vergeten doe ik het niet. Ik vergeet bijvoorbeeld niet meer hoe ik volledig gefocust was op mijn kruis nadat iemand de navelsteng verlegde. Alles wat in de buurt kwam van mijn onderstel of als iemand er maar naar wees werd dat door mij een scherp oog gevolgd. Ik ben op 3 plaatsen, waarvan één plek heel lelijk, ingescheurd. Het hechten er van was een langzaam en pijnlijk proces. Genieten van de kleine, is dan moeilijk. Maar ook dat verdwijnt naar de achtergrond als je je eigen kind voor het eerst zijn oogjes ziet openen.

Mijn bevalling was over voordat het begonnen was. Voor mijn gevoel is het te snel gegaan en verloor ik daardoor alle grip wat voor paniek zorgde, maar ik klaag niet. Alles ging eigenlijk hartstikke makkelijk. Ik heb het gevoel door het oog van de naald te zijn gekropen en prijs mij gelukkig met deze bevalling en vooral met mijn zoon.

👋🏼  Heb je een vraag of een suggestie? Werkt er iets niet? Laat het ons weten!
Login bij Mamaplaats
Login

Nog geen account bij Mamaplaats?
Registreren
profiel aanmaken

Ik heb al een account.
Ja, dat wil ik

Nee, dank je