{{ message.message }}
{{ button.text }}

1.6 De diagnose

Afbeelding blog '1.6 De diagnose'

Het was herfst, 1996. Een doodnormale, regenachtige dag. Het was geloof ik de enige dag geweest waarop er wel openheid om de hoek is komen kijken rondom haar ziekte. Ik was elf en liep met mijn broertje van zeven naar huis vanaf school. We hadden pauze, die altijd een uur en een kwartier duurde. We woonden drie minuten lopen bij de basisschool vandaan, ideaal. We hoefden maar één weg over te steken, de steeg in te lopen en vervolgens kwamen we bij onze voordeur uit.

Door het keukenraam zag ik mijn vader aan de eettafel zitten, en op de een of andere manier bekroop me toen al een naar gevoel. Hij was nooit thuis tussen de middag. Ik keek naar mijn broertje die het ook opviel en hij haalde zijn schouders op.
We trokken aan het touwtje dat door de brievenbus hing en liepen met onze jassen aan door naar de woonkamer.

Daar zat mijn moeder op de bank, met haar knieën opgetrokken tot onder haar kin. Ik kon zien dat ze had gehuild. Het nare gevoel in mijn buik versterkte hierdoor.
‘Kom eens zitten, papa en mama moeten jullie wat vertellen…’ Het nare gevoel in mijn buik verplaatste zich nu ook naar mijn keel. Mijn broertje ging naast mijn moeder zitten en ik ging op de andere bank ernaast zitten. Mijn vader draaide zich naar ons om vanachter de eettafel. Voordat ik me er goed en wel op had voor kunnen bereiden dropte hij de bom al.

‘Mama komt net van de dokter af en mama is ziek. Heel erg ziek. Mama heeft leukemie.’
Ik begon te lachen van de zenuwen.
‘Leukewat?’ Mijn moeder begon daarop te huilen. Ik wilde opstaan om haar te knuffelen, maar op de één of andere manier leek mijn lijf wel versteend en vastgepind aan de bank. Voordat ik sorry kon zeggen ging mijn vader verder.  Het was dus helemaal niets leuks. Wie verzint er dan ook zo’n naam voor zo’n klote ziekte?

‘Dat is kanker.’  DAT IS KANKER.  Wat kanker was, wist ik wel. Kanker, daar ging je aan dood. Kanker had de moeder van mijn klasgenootje en die is er niet meer. Kanker had mijn oom en die is ook dood. Ik keek met een gevoel van onwerkelijkheid richting mijn moeder en broertje die inmiddels huilend en knuffelend bij elkaar in de armen vielen. Ik wist echt niet hoe ik moest reageren. Ik volgde mijn vader die opstond en hoe hij zich bij hen voegde. En ik? Ik zat daar maar en dacht maar aan één ding:  Mijn moeder gaat dood.

Papa nam ons mee naar de snackbar vlakbij ons huis en bestelde een kaassouflé voor me.
‘Om een beetje bij te komen van de schrik meisje.’
Maar ik werd misselijk van de geur alleen al. Laat staan dat ik een hap door mijn keel kreeg.  Hoe kan ik nou een kaassouflé eten terwijl ik net te horen heb gekregen dat mijn moeder doodgaat?  Ik slikte mijn tranen weg en nam me voor dat ik sterk moest zijn. We werden afgezet op school en nadat hij het nieuws ook aan de leraren had verteld keek ik hem na terwijl hij door de hekjes van het schoolplein liep. Ineens bekroop me een gevoel van angst. Pas toen hij uit het zicht was liet ik mijn tranen de vrije loop.
 

*Mamaplaats faciliteert een open en voor iedereen toegankelijk social platform. Zij is niet verantwoordelijk voor inhoud en authenticiteit van posts. Algemene voorwaarden.

Tags: #Mama, #rouw

Login bij Mamaplaats
Login

Nog geen account bij Mamaplaats?
Registreren
profiel aanmaken

Ik heb al een account.
Ja, dat wil ik

Nee, dank je