{{ message.message }}
{{ button.text }}

En toe was er een tweefront..

Ze omhelsde me en huilde. Ik huilde. Ik hoopte. Hoopte dat alles goed zal zijn deze keer.

Afbeelding blog 'En toe was er een tweefront..'

Ik gris de sleutel uit jaszak en open voor het eerst na 2 jaar de deur van het huis dat ooit mijn thuis was, maar in mijn hart niet meer is. Mijn hart klopt in mijn keel en mijn hand bibbert. De enige vorm van communicatie die er tussen ons was de laatste 2 jaar, verliep via mijn zusje. Ik zag haar alleen de weekenden dat ze bij mijn vader was. Ze zei dan dingen als “mama mist je”. Ik reageerde daar niet op hoeveel het mij ook raakte.

Mijn vader had gelukkig een aantal jaar daarvoor het geluk weer gevonden. Hij was verliefd geworden. Niet lang nadat zij bij hem introk kregen ze een dochtertje. Toen ik bij mijn vader ging wonen, was ze net geboren. Julia was prachtig. Een lief klein meisje. Ik zorgde graag voor haar. Als mijn vader en (stief) moeder er niet waren paste ik met liefde op. Ik gaf haar de fles en wiegde haar in slaap. Ik genoot van die momenten.

Toen ze 2 werd noemde ze mij soms per ongeluk mama en zo voelde het ook voor mij. Ik was een soort mama voor mijn kleine zusje.

Lianne had niet zoveel met haar. Het leek een beetje een tweekamp. Lianne en mijn moeder hadden het fijn samen. Ze hadden allebei alle vrijheid. Lianne kreeg op 12 jarige leeftijd een vriendje. Hij mocht altijd te pas en te onpas langskomen. Mijn moeder was veel avonden de hort op. Ze leefde samen, maar los van elkaar.

Ik was blij dat ik bij mijn vader woonde. Ik heb zoveel gesprekken met mijn vader en (stief) moeder gehad. Ze ontfermden zich over mij en gaven mij de liefde die ik zo mistte bij mijn moeder. Ik was echt gelukkig. Ik voelde ook weleens jaloezie. Omdat ik de vreemd eend in de bijt was. Ik was de dochter van mijn vader, maar zij met z'n drieën waren een gezin. Ik probeerde deze gevoelens weg te stoppen want diep van binnen wist ik dat ik daar ook deel van uitmaakte. Maar ook al mocht ik mijn (stief) moeder mama noemen, het voelde niet juist. Ik had al een moeder,

Zodoende ging ik in op haar poging naar contact.

Toen ik haar zag, zag ik verbazing in haar ogen, maar ook liefde. Iets wat ik niet vaak had gezien. Ze omhelsde me en huilde. Ik huilde. Ik hoopte. Hoopte dat alles goed zal zijn deze keer. Uitpraten hebben we nooit gedaan. Ik heb het weleens geprobeerd, maar altijd deed ze dan alsof zij de gebeten hond was en ik haar simpelweg verkeerd begrepen had.

Met Lianne had ik steeds minder contact. Vroeger speelden we altijd samen. Had 1 van ons verdriet, was de ander er altijd om een troostende schouder te bieden. We konden altijd ons verdriet over papa en mama met elkaar delen. Nu deelden we nauwelijks nog iets. Ik was te serieus volgens haar. Ik leerde graag hard, Kon uren in mijn kamer achter mijn bureau zitten. Zij ging graag de hort op met haar vriendje of hing 's avonds op straat rond. We botsten enorm. Ik begreep haar niet en zij mij niet.

De weekenden bij mijn moeder verliepen nog steeds stroef. Elke keer weer stond ik met bonzend hart voor de voordeur. Mijn moeder en zusje waren duidelijk een front. Het leek alsof ik daar niet bij kon horen. Dat ik bij mijn vader ben gaan wonen namen zij mij beide kwalijk. Beide om andere redenen, dat wel. Mijn zusje vond het erg dat ik weg was gegaan. Ze miste mij. Ze was boos. Mijn moeder was ook boos. Boos dat ik haar afviel. Dat het leek of zij iets fout deed, terwijl er volgens haar, sprake van miscommunicatie was. In al die jaren heb ik een dagboek bijgehouden. Daar staat al mijn verdriet in. Al mijn pijn, woede en onbegrip, ik schreef alles van mij af in de hoop het een plaatsje te geven en er nooit meer aan te hoeven denken. Praten vond ik moeilijk, schrijven niet.

*Mamaplaats faciliteert een open en voor iedereen toegankelijk social platform. Zij is niet verantwoordelijk voor inhoud en authenticiteit van posts. Algemene voorwaarden.

Tags: #Kind

Login bij Mamaplaats
Login

Nog geen account bij Mamaplaats?
Registreren
profiel aanmaken

Ik heb al een account.
Ja, dat wil ik

Nee, dank je