{{ message.message }}
{{ button.text }}

Ik was zwanger toen ik werd neergeschoten

Hoe mijn tweejarige avontuur in het Midden-Oosten anders afliep dan ik ooit kon bedenken...

Afbeelding blog 'Ik was zwanger toen ik werd neergeschoten'

Ik wist altijd al dat ik geen standaard leven zou krijgen. Ik kom uit een gescheiden gezin, geen vechtscheiding weliswaar, maar echt een goed voorbeeld voor een functionele relatie heb ik nooit gekregen. Lange relaties heb ik nooit gehad. Het verveelde me te snel, of ik zocht mannen op waarvan ik van te voren al wist dat het een onmogelijke relatie werd.

Tijdens mijn studie journalistiek besloot ik het laatste jaar van mijn studie naar Palestina te gaan. Ik wilde daar een studie Arabisch en conflict studies gaan volgen aan de universiteit en me te oriënteren op het correspondentschap in het Midden-Oosten. Een "saai" leventje in Nederland was niet voor mij weggelegd, dacht ik. Dus vertrok ik gelijk naar een uiterste tegenpool van het veilige Nederland: een staat (want een land is het niet door de Israëlische bezetting), waar altijd oorlog is. Een sluimerende oorlog, die niet altijd aan de oppervlakte lijkt voor de buitenstaander. Maar er wel degelijk is.

Na een paar maanden voelde ik me als een vis in het water in Ramallah, op de Westelijke Jordaanoever. Iedere dag was nieuw. Iedere dag gebeurde er iets spannends. Naarmate mijn Arabisch vorderde, ging er steeds meer een stukje wereld voor me open. Het Arabische geheimschrift, kon ik ineens moeiteloos ontcijferen, en de gesprekken op straat begon ik steeds beter te begrijpen. Ik leerde veel nieuwe mensen kennen. Sommigen daarvan zijn dierbare vrienden geworden. Anderen eerder vijanden.

Ondertussen timmerde ik aan mijn carriere. Ik schreef mijn thesis, rondde mijn studies daar af en oriënteerde me ondertussen op de Palestijnse arbeidsmarkt.

Toen ik iets meer dan een half jaar in Ramallah woonde, ontmoette ik een Palestijnse tandarts. In eerste instantie voelde ik geen behoefte om een relatie te beginnen daar en weerde ik hem wat af. Maar binnen een paar weken merkte ik hoe gek hij op me was. Ik besefte dat ik in die korte tijd ook smoorverliefd op hem was geworden. Uiteraard: weer zo'n onmogelijke relatie. Maar liefde maakt (hoe cliché ook) blind en de tijd verstreek. We maakten plannen en bekeken de toekomstmogelijkheden voor ons beiden. Kon hij naar Nederland? Of naar een ander Europees land? Na maanden uitzoekwerk bleek dat een onmogelijke opgave. We bekeken de opties voor mij om in Palestina te blijven wonen. Ook dat bleek niet gemakkelijk. Israël maakt het helaas voor Palestijnen vrijwel onmogelijk om buiten hun eigen kringen te trouwen. Ruim een jaar hebben we een zeer onzekere relatie stand gehouden. Het voelde als lopen op eieren. Het was wachten op het moment dat ze allemaal zouden breken. Hij was de eerste die de onzekerheid niet meer aankon. Hij begon zich schuldig te voelen omdat hij me niets te bieden had. Uiteraard zag ik dat als Westerse heel anders, maar na een tijdje besefte ik dat hij het meende. We hadden geen toekomst samen. Ondanks het vreselijke liefdesverdriet dat me overspoelde, probeerde ik de draad van mijn leven in Ramallah zo goed als het kon, weer op te pakken. Ik focuste me op mijn thesis en mijn toekomstige carriere.

Het was een zonnige dag aan het begin van de lente. Er was een demonstratie gepland in het centrum van de bezette Palestijnse stad Hebron. Ik besloot erheen te gaan om verslag te leggen. Jongeren schreeuwden leuzen zoals "Vrijheid voor Palestina", "Leve Palestina, stop de bezetting". Er leek niet echt iets aan de hand. Israëlische soldaten gooiden af en toe geluidsbommen en traangasgranaten. Niets nieuws in Palestina. Toch merkte ik al snel dat de sfeer grimmiger werd. De soldaten leken onrustig door iets, maar ik kon niet ontdekken wat het was. Ik probeerde langzaam dichterbij te komen, maar de traangasgranaten hielden me op afstand.

Ineens hoorde ik schoten. De rook van de geluidsbommen zorgde ervoor dat het zicht minimaal was. Er klonk geschreeuw en de massa begon te rennen. Hier en daar struikelden mensen, maar krabbelden weer snel op. Een Palestijnse jongen naast me, leek juist richting de soldaten te willen gaan. Ik hield hem tegen en zei hem dat hij terug moest gaan. Ik had dit soort demonstraties al vaker meegemaakt en het Israëlische leger pikt helaas zeer weinig van heldhaftige puberjongens. De jongen keek me ongelovig aan. "Ga jij maar terug. Ik red me wel hoor!" zei hij terwijl hij naar voren sprintte. Op dat moment klonken er opnieuw schoten. De jongen sloeg naar achteren. Ik slaakte een gil van ontzetting en rende naar hem toe. Bloed. Heel veel bloed. Ik pakte zijn hoofd vast en probeerde in zijn ogen te kijken. Die waren dicht. En toen kwam de klap. Eerst het geluid, toen de pijn. Ik vloog naar voren en voelde een scherpe pijn als een elektrische schok door mijn rug trekken. Ik voelde hoe mensen me wegtrokken en optilden. Tientallen handen aan mijn lijf. De sirenes, de rook, de Arabische woorden die ik ineens niet meer zo goed leek te verstaan. En toen werd alles zwart.

Ik bleek in mijn rug te zijn geschoten. Gelukkig had de kogel mijn huid niet geperforeerd en bleken alleen wat wervels verschoven. Maar waarom voelde ik mijn rechter been niet meer? Ik begon te huilen. Ik kon alleen nog maar huilen. De arts wilde een röntgenfoto maken. Maar eerst bloedprikken voor de zekerheid. Ze doen maar, dacht ik. Ik wilde alleen nog maar pijnstillers. Zo veel mogelijk. Eén, twee of drie uur later kwam de arts terug. "Je bent zwanger", zei hij met een stalen gezicht. "Kan ik je man inlichten?" Ik dacht dat ik hem niet goed had verstaan. "Wat zeg je?" De arts herhaalde zijn zin. Bam! En ineens was ik terug in de bewoonde wereld. Zwanger? Ik? Hoe dan? Ik had mijn inmiddels ex-vriend de afgelopen maanden alleen nog maar zeer sporadisch gezien. Daarnaast gebruikte ik gewoon een voorbehoedsmiddel. "Jullie hebben vast het bloedmonster verwisseld", zei ik tegen de arts. Hij schudde zijn hoofd. "Ik ga je ruggenwervels terug op zijn plek zetten." Voor ik het besefte werd ik omgedraaid en zag ik een ijzeren hamer in mijn ooghoek voorbij komen. Ik zou liegen wanneer ik zeg dat ik geen pijn voelde. Maar de gedachten aan een eventuele zwangerschap verdoofden me op dat moment compleet. Het kon niet waar zijn.

Een paar uur en helse pijnen later, voelde ik mijn been weer tintelen en niet veel later kwam het gevoel weer helemaal terug. Ik mocht het ziekenhuis verlaten als ik opgehaald zou worden. Ook zou ik nog zeker een röntgenfoto nodig hebben om te kunnen beoordelen of mijn ruggenwervels weer goed stonden. Maar de arts drukte me op het hart dat nu, in mijn situatie niet te doen. "Bespreek dit eerst met je man", zei hij nog. Ik durfde hem niet te vertellen dat ik helemaal geen man had.

De weken na deze vreselijke dag beleefde ik in een roes. Ik had nog steeds geen zwangerschapstest gedaan. Ik denk dat ik het heel lang voor mezelf heb ontkend. Het kon niet waar zijn. Het mocht niet waar zijn. Niet nu. Maar zei mijn ontkenning van de feiten en het niet ondernemen van enige actie misschien iets over mijn uiteindelijke keuze? Wilde ik de keuze tussen een abortus en het krijgen van het kind niet zelf hoeven maken? Achteraf gezien denk ik van wel. Vanaf het moment dat mijn eventuele zwangerschap aan me bekend werd gemaakt, besefte ik dat ik dit kindje nooit zou weghalen.

Ik ging naar huis. 3 weken nadat ik was neergeschoten. Ik had nog steeds geen zwangerschapstest gedaan. Ik wist dat ik zwanger was. Dat voelde ik aan alles. Maar ergens durfde ik er ook nooit aan te denken en stopte ik het weg. Doodsbang was ik voor de reactie van mijn ex. Ik vertelde hem niets.

Thuis aangekomen ben ik na een week toch naar een verloskundige gestapt. Het voelde heel onrealistisch. Ergens dacht ik dat dit allemaal een grote droom of nachtmerrie? (daar was ik nog niet over uit) was. Ik zal het moment dat de verloskundige haar echoapparaat op mijn buik zette nooit vergeten. Ik kon gelijk meekijken op het scherm, maar ik hield mijn ogen stijf dichtgeknepen. "Kijk maar hoor, zei ze. Ik zie een springlevend kindje van ongeveer 15 weken". Ik keek op naar het scherm en zag een compleet mensje bewegen. Handjes, voetjes, z'n ruggegraatje. Alles was al heel duidelijk te onderscheiden. Ik voelde een enorme golf van geluk door me heentrekken. Maar ik voelde ook angst. Wat nu? Ik was nog niet eens afgestudeerd, ik had geen woning hier in Nederland en hoe moest ik dit aan de vader van mijn baby vertellen?

Wordt vervolgd...

*Mamaplaats faciliteert een open en voor iedereen toegankelijk social platform. Zij is niet verantwoordelijk voor inhoud en authenticiteit van posts. Algemene voorwaarden.

Tags:

Login bij Mamaplaats
Login

Nog geen account bij Mamaplaats?
Registreren
profiel aanmaken

Ik heb al een account.
Ja, dat wil ik

Nee, dank je