{{ message.message }}
{{ button.text }}

Mijn verhaal: Een miskraam en een buitenbaarmoederlijke zwangerschap van een tweeling. Deel 2.

En hoe wij als gezin samen alles aankunnen.

Afbeelding blog 'Mijn verhaal: Een miskraam en een buitenbaarmoederlijke zwangerschap van een tweeling. Deel 2.' Achtergrond blur afbeelding

In mijn vorige blogpost beschreef ik hoe wij op de eerste echo tot onze schrik niks zagen. De gynaecoloog wel, een 'zwangerschapsring.' Voor de leken onder ons (waaronder ikzelf), dit is een 'ring' in de baarmoeder waarbij ze constateren dat er een beginnende zwangerschap is.

In de aanloop naar de tweede echo had ik in het weekend enorme, heftige buikpijn. Zo erg dat we de huisartsenpost consulteerden. Die stuurden ons naar huis met: "waarschijnlijk bandenpijn en jouw darmen die overstuur zijn door de antibiotica die je pas geleden hebt gehad voor de longontsteking." Wie kon vermoeden dat ze er niet verder naast konden zitten dan dat.

Daar waren we weer. Een week later alweer in het ziekenhuis. Deze keer zonder kinderen, maar met man en beste vriendin M. Wederom wachtend in die verschrikkelijke wachtkamer waar het een eeuwigheid leek te duren. En toen we eindelijk aan de beurt waren stelde de klinisch verloskundige voor om maar gelijk met het echoapparaat aan de gang te gaan omdat ze ons niet langer in spanning wilde laten zitten.
Wederom ging ik met mijn benen in de stijgbeugels en kreeg ik een vaginale echo. Dit keer zagen we zowaar iets op het echoscherm! Een vruchtzakje! De klinisch verloskundige gaf aan dat dit een positieve vooruitgang was. Wederom liet zij dezelfde gynaecoloog nog eens met de echo kijken. Ook zij constateerde dat dit een positieve vooruitgang was. Maar ze benadrukte wel dat er volgende week dan echt een kloppend hartje te zien moest zijn.
We maakten een afspraak voor een week later, en verlieten enig zins positief gestemd het ziekenhuis.
M.: "Ik weet zeker dat je volgende week net zo'n mooi kloppend hartje ziet als we toen bij mij op de echo zagen. Je hoorde wat ze zeiden het is positieve vooruitgang!" Ik zuchtte, opgelucht maar nog een beetje verontrust antwoordde ik: "Ik hoop maar dat je gelijk hebt. Ik zal pas gerust zijn als ik het zie."

De dagen gingen wat langzamer en ik werkte een paar diensten op de woongroep. Tot ik dinsdagochtend wakker schrok. Ik voelde nat tussen mijn benen. Had ik in bed geplast? Ik ging snel naar de wc, en eenmaal daar schrok ik enorm. Een enorme plas van bloed lag in de wc. Ik riep snel mijn man. En omdat ik niks kon uitbrengen stond ik op en liet hem zien wat er in de wc lag. Ik begon gelijk te huilen.
Ik zag aan zijn gezicht dat hij schrok. Maar zoals altijd probeerde hij mij gerust te stellen. "Wellicht is het niks. Weet je nog met M. (vriendin), zij had ook enorme bloedingen in het begin en dat gaat nu ook allemaal goed!" Ik werd iets rustiger, maar ik was niet gerust. Mijn man kleedde de kinderen aan en nam hun mee naar beneden.
Ondertussen stuurde ik een WhatsApp naar een collega van mij. Met haar zou ik die dag werken. Ik vertelde haar wat er aan de hand was, nam nog snel een douche, en warempel de bloeding leek gestopt. Ik stuurde haar een bericht dat ik gewoon kwam werken maar dat mocht het slechter gaan ik graag naar huis zou willen. Dit vond zij geen probleem.
Eenmaal op het werk aangekomen begon ik met opstarten van de dag. Ik deelde medicatie, regelde wat zaken voor een bewoonster, maar toch voelde ik mezelf niet helemaal gerust. Eenmaal aan het werk op de computer kreeg ik stekende buikpijn. Ik besloot naar de wc te gaan, en zag daar wederom dat ik bloed verloor. Ook hierin hield ik mijn collega op de hoogte, en ik zei dat ik het nog even zou aankijken omdat het minimaal was. Een tweede keer wc, en nog meer bloed. Toen ik van de wc afkwam zag ik een andere collega. Die vroeg wat er aan de hand was want ik zag er heel bleek en geschrokken uit. Ik vertelde haar hakkelend wat ik zojuist had ervaren. Ook zij schrok maar gaf aan dat het niks hoefde te betekenen. Toen ik beide collega's had gesproken en aangaf dat ik mezelf niet prettig voelde reageerden ze begripvol. Beide collega's stemden ermee in dat ik toen naar huis ging.

Onderweg naar huis belde ik de polikliniek gynaecologie. Ik gaf aan wat er aan de hand was, en dat ik graag gezien wilde worden. Ik kon om half 3 's middags terecht. Ik stelde mijn man op de hoogte. Hij wilde onmiddellijk naar huis komen om mij bij te staan tijdens de echo. Maar ik zei dat mijn beste vriendin M. en mijn nichtje N. mee zouden gaan. Hij heeft net een nieuwe baan en ik wilde niet dat dit hem in de problemen zou brengen daar.

De tijd leek ellendig langzaam te duren. Maar uiteindelijk was het tijd om naar het ziekenhuis te gaan. Mijn nichtje N. haalde mij op, mijn beste vriendin M. zou vanuit Doetinchem naar Nijmegen gaan, en zou ons daar treffen.

Al die tijd in de auto leek een eeuwigheid te duren, het weerzien met vriendin M. ging in een flits, de polikliniek, het aanmelden, de wachtkamer alles leek vaag voorbij te gaan en langer te duren als normaal. Tegen de tijd dat ik opgeroepen werd had ik mezelf ervan overtuigd dat dit enorm mis was.

De gynaecoloog was een vriendelijke, jonge vrouw. Begripvol als ze was stelde ze voor eerst met de echo te kijken. Op de echo zagen we een vruchtzakje, een embryo in dat vruchtzakje, zoals ze dat zo mooi noemen. Enorm veel bloed en stolsels rond het vruchtzakje, en leegte. Ik zag vooral leegte. De gynaecoloog legde uit dat rond deze termijn er zeker een kloppend hartje had moeten zijn. Gezien het verloop van alles, het bloedverlies en nog geen kloppend hartje concludeerde ze dat ik moest uitgaan van een miskraam. Het leek alsof ik niet eens meer hoorde wat ze precies zei. Tranen vulde mijn ogen en rolden over mijn wangen. Ze legde subtiel een hand op mijn been en gaf aan dat het heel verdrietig was. Dat het verdriet normaal was. Uit mijn ooghoek zag ik mijn nichtje N. en mijn beste vriendin M. ook huilen. Zij voelden mijn pijn.
Ik mocht uit de stijgbeugels en mezelf aankleden. Toen we weer aan haar bureau zaten vertelde ze de opties. Waarschijnlijk zou mijn lichaam de miskraam zelf in gang zetten en doorzetten zoals het nu had gedaan. Mocht dit niet het geval zijn, dan zouden er als opties vaginale pillen zijn om de miskraam verder op te wekken, of curettage. Over minimaal 1,5 tot 2 weken moest er wederom een echo gemaakt worden om te kijken of mijn lichaam zelf de miskraam in gang had gezet. Er was nog een kleine kans dat het goed zou kunnen komen, maar ik moest die kans als nihil beschouwen. Verslagen verliet ik de behandelkamer.
Eenmaal buiten wreef mijn nichtje over mijn rug en mijn vriendin knuffelde me. Als er iets was, of als ik iets nodig had, waren zij er voor mij. Altijd en onvoorwaardelijk. "Dat weet ik toch schatjes" antwoordde ik.

De dagen daarna gingen in een roes voorbij. Ik bleef thuis van mijn werk. Mijn man was enorm verdrietig en verslagen onder het nieuws. Maar stopte zijn gevoel weg om mij bij te staan. Hij deed alles voor mij. Bakte zelfs als verrassing een cake voor me, om mij op te vrolijken. Zoals altijd was hij mijn positieve, stuwende kracht. Mijn rots in de branding.

Voor mij voelde het alsof mijn lichaam mij in de steek had gelaten. Begrijp me niet verkeerd, ik heb het geluk dat ik twee voldragen zwangerschappen heb. Hiervan heb ik twee prachtige zonen gekregen. Maar het was ook twee keer een hel van negen maanden met Hyperemesis Gravidarum. En nu? Nu liet mijn lichaam mij wederom in de steek door een miskraam op te wekken. Ik huilde, lachte, praatte, en hoopte. Hoopte enorm, want Google en de bijbehorende forums vertelde mij over wonderen van vrouwen die achteraf bij de controle echo t贸ch een kloppend hartje zagen. Wat kan je jezelf soms misleiden uit hoop voor iets wat je enorm graag wilt.

Bijna een week ging voorbij sinds de gynaecoloog had geconstateerd dat ik een miskraam had. Vanwege de vakantie was mijn oudste zoon elke dag op de Kindervakantieweek. De keren dat hij daar niet was probeerden we samen iets leuks te doen. Maar vanwege de heftige, stekende pijn aan mijn linkerkant van mijn buik werd ik enorm belemmerd. Twee dagen voor die bijna fatale dag, kon ik amper lopen. Ik werd duizelig als ik ging staan en had moeite de dag door te komen. Alleen een warme kruik verlichtte soms iets.

Tijdens het ophalen van mijn oudste bij de Kindervakantieweek zag ik andere ouders van school. Sommige spraken mij aan en vroegen hoe het ging. Ik vertelde ze hoe en wat. In de winkel kwam ik ook ouders tegen. Hun sprak ik even vluchtig, en dan gingen we door met ons eigen ding. Familie en vrienden kwamen langs, hun sprak ik ook over alles. Wie ik ook sprak, er waren twee constante factoren. Nummer een was dat ze vonden dat ik er enorm slecht uit zag. Iedereen vond mij enorm bleek en grauw kijken. Nummer twee was dat Richard en ik onszelf enorm gesteund voelden door al deze mensen om ons heen. Waar ze ook konden probeerden ze ons te steunen, of dat nu was om met de kinderen te helpen, of met ons te praten. We voelden ons enorm dankbaar dat er zoveel mensen in onze buurt waren die ons hielpen en bekrachtigden.

Echter niemand had ooit kunnen weten dat deze zwangerschap mij bijna fataal was geworden..

*Mamaplaats faciliteert een open en voor iedereen toegankelijk social platform. Zij is niet verantwoordelijk voor inhoud en authenticiteit van posts. Algemene voorwaarden.

Login bij Mamaplaats
Login

Nog geen account bij Mamaplaats?
Registreren
profiel aanmaken

Ik heb al een account.
Ja, dat wil ik

Nee, dank je